Er ligt een steen. Wat doet die steen daar? Het is een kunstwerk. O, een kunstwerk. Vandaar. Nee de steen is geen kunstwerk. Het is maar een steen. Het feit dat de steen daar ligt is het kunstwerk. Het is niks. Maar toch heb je het er over. Dat is waar het om gaat. Elementaire deeltjes: ze zijn er niet tot je ze ziet, dan zijn ze er wel. Zo ook de steen.
Leg de steen maar ergens neer. Onopvallend. Willekeurig. Achteloos. Mag ook worden verplaatst. De mensen mogen het ook oppakken. ergens anders neerleggen. Er over struikelen.
Het zet je aan het denken. Denken over kunst. Over voorwerpen. Over wat doe ik hier.

1. Het idee als kunstwerk
Niet de steen is het kunstwerk, maar het feit dát hij daar ligt. Betekenis ontstaat doordat mensen zich afvragen waarom de steen daar ligt en erover gaan praten. Zo wordt het “niks” toch iets waar aandacht naartoe gaat. Het kunstwerk is dus vooral een concept, geen fysiek object.
2. Waarneming en bestaan
Elementaire deeltjes “bestaan” pas wanneer ze worden waargenomen. Op dezelfde manier “bestaat” de steen als kunstwerk pas echt wanneer iemand hem ziet en erover nadenkt. Zonder waarneming blijft hij slechts een onopvallende steen. De waarnemer maakt het kunstwerk mede tot wat het is.
3. Plaatsing en interactie
De steen kan willekeurig en onopvallend worden neergelegd, en mag zelfs worden verplaatst of opgepakt door voorbijgangers. Deze vrijheid maakt de omgeving en de interactie van mensen onderdeel van het kunstwerk. De veranderlijke positie van de steen onderstreept dat niet de vaste vorm, maar de context en het gebruik tellen. Het kunstwerk leeft in de handelingen van mensen.
4. Reflectie op kunst en bestaan
Door de steen roept het werk vragen op over wat kunst is en wat een voorwerp tot kunst maakt. Het zet mensen aan het denken over hun eigen aanwezigheid: “wat doe ik hier?” De steen fungeert zo als aanleiding tot zelfreflectie en filosofische beschouwing. Kunst wordt gepresenteerd als een middel om na te denken, niet als een mooi object om naar te kijken.
5. Schatplichtig
Wij zijn schatplichtig aan Marcel Duchamp (R. Mutt), Ger van Elk en vele anderen.